Woordenlijst

Home / Woordenlijst    |    Terug

Op deze pagina vind je een lijst met algemene woorden en begrippen die gebruikt worden bij enkele bronnen.

Voor een specifieke woordenlijst Tweede Wereldoorlog ga je naar de extra informatie bij dat thema

Tip: gebruik ctrl+f (Windows) of cmnd+f (Mac) om het woord dat je zoekt snel te vinden.

 

Antisemitisme

Antisemitisme of Jodenhaat is de discriminatie en racistische behandeling van Joden op basis van hun etniciteit of religie.  

 

Bestuur

Een groep mensen die de bevoegdheid heeft om de zaken in een bepaalde organisatie te leiden en te regelen. Het kan gaan om een land, een bedrijf, een kerk een vereniging enz.

 

Censuur

Het gebruiken van de macht van de staat of van een bepaalde groep om informatie achter te houden of de expressie aan banden te leggen. Het is dus verboden bepaalde dingen te zeggen of schrijven. 

 

Collaboratie

Het samenwerken met de vijand.

 

Discriminatie

Het anders behandelen van mensen of groepen (meestal minderheden) op basis van uiteenlopende kenmerken zoals afkomst, ras, geboorteland, geloof, overtuigingen, sociale gewoonten, sekse, seksuele geaardheid, taal, handicap, leeftijd, enzovoort. Discriminatie staat het grondbeginsel, dat zegt dat alle mensen gelijkwaardig zijn, in de weg. 

 

Deportatie

Gedwongen verplaatsing van mensen naar een andere woonplaats

 

Evacuatie

Evacuatie of ontruiming is het wegtrekken of verplaatsen van meestal groepen personen van een gevaarlijke of omstreden plaats naar een veiligere plaats. 

 

Geestelijkheid
Groep personen die de macht hebben van de kerk over gelovigen. Ook wel clerus genoemd. De paus, bisschoppen en priesters zijn geestelijken.

 

Geallieerden

Groep van landen die samen een bondgenootschap heeft gesloten

 

Gilde

Vereniging van mensen met hetzelfde beroep, die samen hun belangen vertegenwoordigen. Meestal waren dit zelfstandige ambachtslieden.

 

Ideologie

Een geheel van ideeën over de mens, menselijke relaties en de inrichting van de maatschappij, dat leeft binnen een maatschappelijke groep zoals een politieke partij, een denkstroming of een sociale klasse.

 

Industriële Revolutie

Overgang van handenarbeid en huisnijverheid naar machinale productie

 

Nijverheid

Beroepswerkzaamheden waarbij iets wordt gemaakt of bewerkt. Industrie waarbij grondstoffen worden verwerkt.

 

Privileges

Bijzondere rechten die verleend zijn door de soevereine vorst aan bijvoorbeeld steden, geestelijken of edelen.

 

Propaganda

Het verspreiden van bepaalde ideeën om meningen te beïnvloeden. Eigen leiders en ideeën worden positief afgeschilderd, terwijl tegenstanders negatief worden neergezet.

 

Represaille

Een wraakactie of vergeldingsactie tegen iemand. 

 

Regenten

Een regent was een bestuurder van een Nederlandse stad vanaf de zeventiende tot de achttiende eeuw. De macht werd vaak overgedragen van vader op zoon, waardoor enkele families erg machtig werden in een stad.

 

Republiek

In een republiek hebben de burgers een persoon of groep uitgekozen om namens hen het land te besturen.

 

Reformatie (of hervorming)

Kerkhervorming die leidde tot scheuring in de rooms-katholieke kerk, waarbij het protestantisme ontstaat. De protestantse kerk wordt ook wel de gereformeerde of hervormde kerk genoemd.

 

Solidariteit

Solidariteit betekent dat een groep mensen zich betrokken voelt bij de strijd of het lijden van anderen. Men voelt zich verbonden met elkaar.

 

Schout

Een schout is een ambtenaar die toezicht hield in een gebied. Een ambtenaar die de orde handhaaft. Een schout werd ook wel baljuw genoemd.

 

Stadhouder

Een stadhouder vervangt de afwezige landsheer in een gewest

 

Totalitaire staat

Staat met één partij en één ideologie die doordringt op alle terreinen van de samenleving 

 

Tweede Wereldoorlog

Een verzameling van meerdere militaire conflicten die van 1939 tot 1945 wereldwijd werd uitgevochten. Het was een oorlog tussen Duitsland, Italië en Japan (de asmogendheden)  tegen hun samenwerkende vijanden, die de geallieerden werden genoemd.          

 

Vroedschap

Bestuurscollege namens de burgers. Ook wel stadsraad genoemd. Leden werden benoemd voor het leven, maar lidmaatschap was niet overerfbaar. In de praktijk bleven regentenfuncties vaak in de familie.

 

Wetenschappelijke revolutie

Een periode in de zeventiende eeuw waarin een wetenschappelijke manier van denken leidde tot veel ontdekkingen en uitvindingen. In plaats van religieuze en klassieke denkbeelden werd er veel waarde gehecht aan het verwerven van kennis, observaties, experimenten en logisch redeneren (ratio).

 

Geschiedenislokaal Regionaal Archief

Woordenlijst

Omschrijving

Op deze pagina vind je een lijst met algemene woorden en begrippen die gebruikt worden bij enkele bronnen.

Voor een specifieke woordenlijst Tweede Wereldoorlog ga je naar de extra informatie bij dat thema

Tip: gebruik ctrl+f (Windows) of cmnd+f (Mac) om het woord dat je zoekt snel te vinden.

 

Antisemitisme

Antisemitisme of Jodenhaat is de discriminatie en racistische behandeling van Joden op basis van hun etniciteit of religie.  

 

Bestuur

Een groep mensen die de bevoegdheid heeft om de zaken in een bepaalde organisatie te leiden en te regelen. Het kan gaan om een land, een bedrijf, een kerk een vereniging enz.

 

Censuur

Het gebruiken van de macht van de staat of van een bepaalde groep om informatie achter te houden of de expressie aan banden te leggen. Het is dus verboden bepaalde dingen te zeggen of schrijven. 

 

Collaboratie

Het samenwerken met de vijand.

 

Discriminatie

Het anders behandelen van mensen of groepen (meestal minderheden) op basis van uiteenlopende kenmerken zoals afkomst, ras, geboorteland, geloof, overtuigingen, sociale gewoonten, sekse, seksuele geaardheid, taal, handicap, leeftijd, enzovoort. Discriminatie staat het grondbeginsel, dat zegt dat alle mensen gelijkwaardig zijn, in de weg. 

 

Deportatie

Gedwongen verplaatsing van mensen naar een andere woonplaats

 

Evacuatie

Evacuatie of ontruiming is het wegtrekken of verplaatsen van meestal groepen personen van een gevaarlijke of omstreden plaats naar een veiligere plaats. 

 

Geestelijkheid
Groep personen die de macht hebben van de kerk over gelovigen. Ook wel clerus genoemd. De paus, bisschoppen en priesters zijn geestelijken.

 

Geallieerden

Groep van landen die samen een bondgenootschap heeft gesloten

 

Gilde

Vereniging van mensen met hetzelfde beroep, die samen hun belangen vertegenwoordigen. Meestal waren dit zelfstandige ambachtslieden.

 

Ideologie

Een geheel van ideeën over de mens, menselijke relaties en de inrichting van de maatschappij, dat leeft binnen een maatschappelijke groep zoals een politieke partij, een denkstroming of een sociale klasse.

 

Industriële Revolutie

Overgang van handenarbeid en huisnijverheid naar machinale productie

 

Nijverheid

Beroepswerkzaamheden waarbij iets wordt gemaakt of bewerkt. Industrie waarbij grondstoffen worden verwerkt.

 

Privileges

Bijzondere rechten die verleend zijn door de soevereine vorst aan bijvoorbeeld steden, geestelijken of edelen.

 

Propaganda

Het verspreiden van bepaalde ideeën om meningen te beïnvloeden. Eigen leiders en ideeën worden positief afgeschilderd, terwijl tegenstanders negatief worden neergezet.

 

Represaille

Een wraakactie of vergeldingsactie tegen iemand. 

 

Regenten

Een regent was een bestuurder van een Nederlandse stad vanaf de zeventiende tot de achttiende eeuw. De macht werd vaak overgedragen van vader op zoon, waardoor enkele families erg machtig werden in een stad.

 

Republiek

In een republiek hebben de burgers een persoon of groep uitgekozen om namens hen het land te besturen.

 

Reformatie (of hervorming)

Kerkhervorming die leidde tot scheuring in de rooms-katholieke kerk, waarbij het protestantisme ontstaat. De protestantse kerk wordt ook wel de gereformeerde of hervormde kerk genoemd.

 

Solidariteit

Solidariteit betekent dat een groep mensen zich betrokken voelt bij de strijd of het lijden van anderen. Men voelt zich verbonden met elkaar.

 

Schout

Een schout is een ambtenaar die toezicht hield in een gebied. Een ambtenaar die de orde handhaaft. Een schout werd ook wel baljuw genoemd.

 

Stadhouder

Een stadhouder vervangt de afwezige landsheer in een gewest

 

Totalitaire staat

Staat met één partij en één ideologie die doordringt op alle terreinen van de samenleving 

 

Tweede Wereldoorlog

Een verzameling van meerdere militaire conflicten die van 1939 tot 1945 wereldwijd werd uitgevochten. Het was een oorlog tussen Duitsland, Italië en Japan (de asmogendheden)  tegen hun samenwerkende vijanden, die de geallieerden werden genoemd.          

 

Vroedschap

Bestuurscollege namens de burgers. Ook wel stadsraad genoemd. Leden werden benoemd voor het leven, maar lidmaatschap was niet overerfbaar. In de praktijk bleven regentenfuncties vaak in de familie.

 

Wetenschappelijke revolutie

Een periode in de zeventiende eeuw waarin een wetenschappelijke manier van denken leidde tot veel ontdekkingen en uitvindingen. In plaats van religieuze en klassieke denkbeelden werd er veel waarde gehecht aan het verwerven van kennis, observaties, experimenten en logisch redeneren (ratio).